Positionering & inbedding
Stichting Museum Geelvinck opereert vanuit Huize Kolthoorn als een netwerkorganisatie en werkt samen met een groot aantal stakeholders op lokaal, regionaal, nationaal en internationaal niveau.
Lokale en regionale samenwerking
De belangrijkste lokale en regionale stakeholders zijn de gemeente Heerde, de provincie Gelderland en diverse erfgoed-, natuur-, cultuur- en onderwijsorganisaties op de Noord-Veluwe en in de IJsselstreek. Het museum werkt onder meer samen met historische verenigingen, lokale musea, natuurorganisaties, scholen en vrijwilligersorganisaties. Voorbeelden hiervan zijn de Historische Vereniging Wijhe, het Noord-Veluws Museum, Heerder Historische Vereniging, Vrieze’s Erfgoed, de Mölle van Bats, het Kozakkenveer, IVN Epe-Heerde en IVN Gelderland, de Bekenstichting, Groei & Bloei Noord-Veluwe, Cultuurplein Noord-Veluwe, STIP-vrijwilligers Heerde, het Academiehuis Grote Kerk Zwolle, Geldersch Landschap en Kasteelen, VisitHeerde, Visit Gelderland, ‘De Schaapskooi’ (lokale krant), RTV794, lokale sociëteiten enz.
Museum Geelvinck participeert actief in lokale netwerken zoals PKCE (Platform Kunst, Cultuur en Erfgoed Heerde) en Citta Slow Heerde. Het museum zet zich tevens in voor de leefbaarheid van de buurtschap Kolthoorn en werkt samen met lokale bewonersinitiatieven en verenigingen, waaronder Buurtvereniging Kamperweg.
Landelijke en internationale samenwerking met musea en erfgoedinstellingen
Museum Geelvinck is al sedert de jaren ’90 institutioneel lid van de Nederlandse Museumvereniging, ICOM, ICOMOS en Europa Nostra. Ruim twee decennia geleden werd zij lid van OAM/SAM (Amsterdams Directieoverleg Musea) en enkele jaren eerder al van ICOM DemHist. Meer dan tien jaar gaat de relatie terug met de Associazione Nazionale Case della Memoria, waarmee Museum Geelvinck één van de initiërende partners is van het door hen geïnitieerde European Network of Houses of Illustrious Personalities. Onze directeur al meer dan drie jaar lid is van de Supervisory Committee van Interpret Europe, waarvan van wij al enige jaren lid waren. Hij is eveneens in 2023 gekozen tot secretaris-generaal van ICOMOS en daarvoor was hij al drie termijnen secretaris van ICOMOS Nederland en daarnaast Vice-President Europe van het ICOMOS ISC Cultural Landscapes, waarin wij al meer dan vijftien jaar actief zijn.
Op nationaal niveau is Museum Geelvinck lid van Erfgoed Gelderland en sKBL (indertijd aan de wieg gestaan, onder meer met de Buitenplaatsenroute in 2012 en deelname aan brainstormsessies over de toekomst van de buitenplaats Keukenhof), alsmede hebben wij samenwerking gerealiseerd met NKS, Geldersch Landschap & Kasteelen, en andere organisaties die actief zijn op het terrein van historische buitenplaatsen, landgoederen en huismusea. In 2013 realiseerden wij in het kader van het World Interior Event 2013 de tentoonstelling ‘Het Grachtenpand Binnenstebuiten’ in samenwerking met onder meer de TU Delft. Ook zijn wij vanuit het NSW-landgoed Kolthoorn lid van FPG en hebben wij lidmaatschap van VPHB aangevraagd. Eveneens zijn wij lid van Intbau Nederland en hebben wij een jaarvergadering van deze netwerkorganisatie gericht op traditie in architectuur in het Geelvinck Hinlopen Huis ontvangen.
Ook van de Nederlandse Rozenvereniging (NRV) hebben wij een jaarconferentie in het Geelvinck Hinlopen Huis ontvangen. Samen met Rozenkwekerij Belle Epoque, gespecialiseerd in “vergeten rozen” en werkend op basis van biologische rozenteelt, hebben wij in de tuin van het Geelvinck Hinlopen Huis een rosarium aangelegd. In de latere jaren werden in die tuin door het team Tuinvincken jaarlijks meer dan 2.000 bollen gepland, hetgeen in het voorjaar een zee van bloemen opleverde. Ook waren wij wellicht de eerste grachtentuin met ‘urban beekeeping’ (project samen met Slow food Bijenbehoud; later heeft ons initiatief geleid tot bijenkasten op het dak van het Waldorff Astoria hotel). Wij zijn actief lid van het Tuinhistorisch Genootschap ‘Cascade’, de Donderberggroep (follies), Nederlandse Tuinenstichting (NTs) en sedert enkele jaren eveneens de Nederlandse Rhododendron Vereniging (de parktuin van Huize Kolthoorn heeft een rijke variatie aan rhododendron- en azaleasoorten). De tuin van het Geelvinck Hinlopen Huis in Amsterdam was niet alleen een NTS Open Tuin, maar eveneens een gecertificeerd ‘Tuinreservaat’ en opgenomen in de de prestigieuze Europese tuinenroute van het European Garden Heritage Network. De filosofie achter het ecologische en historische tuinbeheer van het Geelvinck Hinlopen Huis is door ons museum meegenomen naar hun huidige hoofdlocatie: de historische parktuin van Huize Kolthoorn.
Al vanaf begin jaren ’90 zijn wij lid van Slow Food International en in 2007 waren wij initiatiefnemer van het Slow Food Convivium Amsterdam Binnenstad “Grachtengordel”, dat met name de Slow Food Tafel op de Industrieele Groote Club organiseerde, naast eveneens activiteiten in het Geelvinck Hinlopen Huis. In 2009 organiseerden wij het eerste symposium over de Amsterdamse Keurtuinen en zijn wij initiator van de Stichting Amsterdamse Keurtuinen. In 2010 organiseerden wij de tentoonstelling ‘Splash! – vijvers en fonteinen in de Amsterdamse binnenstad’ over de historische waterwerken in de Amsterdamse keurtuinen en de buitenplaatsen rond Amsterdam. Met als partners Staatsbosbeheer, De 12Landschappen en Natuurmonumenten, hebben wij daarna de tentoonstelling ‘Naar Buiten!’ (2012) gerealiseerd in het kader van het Jaar van de Buitenplaats.
In de jaren ’90 boden wij ruimte voor exposities van eigentijdse kunstenaars, die gebruikmaakten van traditionele technieken. Voorbeelden daarvan zijn werk van Russische post-Sovjet kunstenaar Eduard Schmukin (Fractalism, 1993), van de Vietnamese lakkunstenaar Nguyen Van Minh (1934-2005) in 1994, van het Chinese kunstenaarsechtpaar Cai Xiaoli (1956) en Wang Jia’nan (1955) in 1995 (traditionele Chinese penseeltechniek), de tentoonstelling ‘Hedendaagse kunst uit Oman’ (2012; daarna te zien in het Beit al Baranda Museum in Muscat, Oman), werk van de Russische portretschilder Alexandr Mischan (2013) en werk van de Russische kunstenares Olga Okunova (2014). Onder de titel ‘Proeftuin Amsterdam’ (edities in 2007, 2008 en 2009) exposeerden onder meer de Nederlands-Russische beeldhouwer Alexander Taratynov en zijn echtgenote Katja (2007 en 2009), en eveneens Nadjezjda van Ittersum (2009; ‘Ceramic Tsarina’s’). Uit een samenwerking met de Vriendschapsvereniging Nederland-China vloeide de tentoonstelling ‘Zheng Xilin – de hand van de meester’ (2012, onder meer een reusachtige Thangka) voort.
Wij ontvingen bruiklenen van onder meer het Rijksmuseum Amsterdam, Rijksmuseum Enschede, Amsterdam Museum, Frans Hals Museum, The Black Archives, Stadsarchief Amsterdam en de Rijksoverheid (Collectie Nederland).
Samenwerking met de Verenigde Naties en internationale tentoonstellingen
Ons museum heeft in 1998 een samenwerking verkregen met de Verenigde Naties ten behoeve van de restauratie van “verweesde” kunstwerken in het Palais des Nations en het hoofdkantoor van de VN in New York. Vanuit dit samenwerkingsverband is ontstaan Maecenas World Patrimony Foundation, waarmee wij de restauratie van Marc Chagalls ‘Peace Window’ (2001; gereed enkele dagen vóór 9/11) en Henrik Sørensens muurschildering ‘Le Rêve de la Paix’ (Bibliotheek van de VN in het Palais des Nations, 2002) gerealiseerd hebben en onderzoek hebben gedaan het herstel van Paul Manships Woodrow Wilson Memorial ‘Celestial Sphere’ (het symbool van de VN in Genève; pilot project met ‘Cygnus’ in 2000 en planontwikkeling met steun van David Rockefeller). Voor het VN-jaar 2001 ‘Dialogue among Civilisations’ organiseerde ons museum vier tentoonstellingen in het Palais des Nations: ‘Etchings by Rembrandt – Reflections of the Golden Age’ (2000), ‘Kingdoms of the Sun’ (2001), ‘A Dutch taste for China’ (2002) en ‘Dutch Porcelains – the White Gold’ (2003). Hieruit volgde eveneens onze initiërende samenwerking met de NGO ‘Comprehensive Dialogue among Civilizations’ in welk kader wij ook verschillende andere onderzoeks- en interdisciplinaire projecten met VN-organisaties hebben uitgevoerd. Op 24 oktober 2005 (United Nations Day) vond de door ons georganiseerde Dedication Ceremony van de ‘Peace Window’ plaats op de 100e geboorte dag van de VN secretaris-generaal Dag Hammerskjöld.

De door ons ontwikkelde tentoonstelling ‘Etchings by Rembrandt – Reflections of the Golden Age’ (waarvan ook een boek is verschenen met onder meer het watermerk onderzoek dat wij hadden laten uitvoeren) heeft een uitgebreid internationaal parcours afgelegd: naast de tentoonstelling in het Palais des Nations (geopend door Secretaris Generaal Kofi Annan en zijn echtgenote, 2000), is het eerder geëxposeerd geweest tijdens de Peter de Grote Manifestatie in St. Petersburg (Peter & Paul Vesting in samenwerking met de Hermitage; geopend door Prins Willem-Alexander, 1996), in het Poesjkin Museum in Moskou (geopend door mevr. Irina Antonova, 1997), in het Kaohsiung Museum of Fine Arts (Taiwan) ter gelegenheid van 400 jaar Handelsrelatie Nederland-Taiwan (2001) en in Palais Rohan Musée des Beaux-arts Straatsburg ter gelegenheid van het Nederlands voorzitterschap van de Raad van Europa (2003). In 1998 was de tentoonstelling ook te zien in het Geelvinck Hinlopen Huis en in 1999 in het Westfries Museum in Hoorn.
Mede door onze inzet is ook de tentoonstelling ‘Modern Art from Russia and the Netherlands’ (1996) tot stand gekomen en namen wij deel aan CODART II ‘Dutch and Flemish Art in Russia’ in St. Petersburg, 1999, en eerder dat jaar in het Geelvinck Hinlopen Huis; alsook hebben wij bijgedragen aan de totstandkoming van ‘Ilja Repin: Het Geheim van Rusland’ in het Groninger Museum (2001) door onze contacten bij Russische musea. Onze eerste tentoonstelling met bruiklenen van een Russisch museum was al in 1992 ‘Last Rose of Summer’: Joesoepov-poselein van het State Museum Estate Arkhangelskoye. Naast tentoonstellingen met hedendaagse Russische kunstenaars, presenteerden wij in 2008 een tentoonstelling van kleurenfoto’s van Sergei Prokudin-Gorsky, die een beeld geven van het Russische Rijk in de periode 1905-1915. In 2010 realiseerden wij een samenwerking met het Peterhof Museum Estate voor de tentoonstelling ‘Splash!: vijvers en fonteinen in de Amsterdamse binnenstad’ in het kader van Amsterdam Water Sensations. In 2013 realiseerden wij de tentoonstelling ‘1813: Nederland door de Russen bevrijd!’ in samenwerking met het State A.S. Pushkin Museum en het Glinka Nationaal Museum of Musical Cluture, beide in Moskou in het kader van het Nederlands-Russische Vriendschapsjaar en Tweehonderd Jaar Koninkrijk. Eveneens in 2013 toonden wij de Francesco Bigazzi collectie huisikonen van het Museo delle Icone Russe (Palazzo Pretorio, Peccioli, Italië) en in 2014 gevolgd door ‘Groeten uit st. Petersburg’ met uitvergrootte ansichtkaarten die een beeld geven van het pre-Revolutionaire Rusland rond 1900 (Coll. Nalatenschap De Bock-Beljankina).
In 2003 organiseerden wij in het Geelvinck Hinlopen Huis de tentoonstelling ‘Provincieborden – een Culturele Dialoog tussen twee beschavingen’. Niet eerder werden een dergelijk groot aantal provincieborden (1705-1715) bijeengebracht. Naast bruiklenen van het Rijksmuseum, eveneens van het Musée national d’histoire et d’art in Luxemburg, Musée Ariana in Zwitserland en van een belangrijke particuliere collectie uit Brazilië, nu in het museum van Instituto Ricardo Brennand in Recife.
Ook hebben wij stukken aan het buitenland uitgeleend, zoals in 2009 aan het Hetjens Museum in Düsseldorf voor hun jubileumtentoonstelling ‘Fascination with the Foreign: China-Japan-Europe’. Naast bruikleengevers in Nederland, ontvingen wij in 2010 van een particuliere verzamelaar in Duitsland wij belangrijke bruiklenen voor de tentoonstelling ‘Pas op: Breekbaar! – 300 jaar Europees porselein’ (2010) en daarna van hem het centrale schilderij voor de tentoonstelling ‘Tsarina zonder juwelen: Peter de Grote’s Jekatarina’ (2013). In de aanloop voor deze tentoonstelling (2010) hebben wij ook met een groot aantal andere porseleinmusea en -instellingen in Duitsland, Zwitserland en Frankrijk goede relaties ontwikkeld.
Het project ‘Bigi Kaaiman – Songs & Tales from Slavery Times’ (2024-2025) heeft geleid tot warme relaties met diverse erfgoedinstellingen in Suriname, zoals NAKS en het Elisabeth Samson Huis. Ook ontwikkelden wij goede relaties met musea en instellingen in onder meer de VS, Oman, Costa Rica, Belarus en Basjkortostan. Daarnaast steunen wij de International Campaign for Tibet en beheren wij het archief India & Tibet van mr. H.N. Verwey, oud-conservator van het Museum voor Volkenkunde in Leiden. Het uitwisselingsproject ‘The Dutch in Orixa’ (VOC-gebouwen in Odisha, India) bracht ons in 2020 een samenwerking met onder meer de Ravenshaw University in Cittack (Odisha).
Erfgoedgemeenschappen, internationale dialoog en urgente sociale thema’s
Museum Geelvinck onderhoudt relaties met uiteenlopende erfgoedgemeenschappen in Nederland en daarbuiten. Daarbij gaat bijzondere aandacht uit naar gemeenschappen die betrokken zijn bij de thema’s koloniale geschiedenis en gedeeld erfgoed. In de loop der jaren hebben wij een omvangrijk aantal projecten en tentoonstellingen gerealiseerd met erfgoedgemeenschappen, zoals in tentoonstellingen als ‘Kingdoms of the Sun’ (2001), ‘A Dutch taste for China’ (2002), ‘Province Plates: a Cultural Dialogue between two civilizations’ (2003), ‘Azië uit het hart gegrepen’ (2008), ‘Japan in huis’ (2009), ‘Pas op! Breekbaar!’ (2010), ‘Indië Thuis – sporen van een koloniaal verleden’ (2011), ‘Buitens aan de Bosporus’ (2012), ‘Swart op de Gracht – slavernij en de grachtengordel’ (2013) en ‘Chinoiserie – droomwereld of opmaat tot revolutie’ (2019), en projecten als ‘Beethoven is Black’ (2021) en ‘Bigi Kaaiman – Songs & tales from Slavery Times’ (2024/25). Daarnaast eveneens vele muziek- en interdisciplinaire uitvoeringen met fusion tussen klassieke en niet-westerse culturen.
Het museum werkt samen met Surinaamse en Caribische organisaties in Nederland en Suriname en met organisaties die zich bezighouden met het gedeelde verleden van Nederland en Suriname. Voorbeelden hiervan zijn het Elisabeth Samson Huis in Paramaribo, NAKS, MoWIC (Monuments of West-Indische Culture), diverse Surinaamse erfgoedorganisaties en partners die betrokken zijn bij het project ‘Bigi Kaaiman – Songs & Tales from Slavery Times’, zoals de weekendscholen Sabi Yu Rutu (Amsterdam) en Kula Skoro (Den Haag). Ook onderhoudt het museum contacten met organisaties en gemeenschappen die zich bezighouden met de geschiedenis van Nederlands-Indië, zoals Stichting Indisch Thee- en familiearchief Van der Hucht c.s., en met de Aziatische cultuur meer algemeen, zoals de KVVAK. Wij participeren in de International Underground Railroad to Freedom Network (marroncultuur in Suriname) en in het project The Dutch in Orixa (VOC-erfenis in Zuid-Oost India). Eveneens nemen wij deel in ICOMOS ISC Shared Built Heritage en in ICOMOS Nederland Werkgroep Gedeeld Erfgoed.
Bovendien werkt het museum samen met organisaties die actief zijn op het gebied van maatschappelijke participatie, internationale solidariteit en vluchtelingenondersteuning, waaronder lokale initiatieven voor Oekraïense vluchtelingen en IMEDI (steun aan een tehuis voor ouderen in Tiblisi). Het museum onderhoudt contacten met de diaspora van de Basjkieren in Europa en organiseert samen met Nederlandse en internationale partners periodiek activiteiten rond het 1813-Monument voor de Basjkierse ruiters in Veessen en Wijhe. Eveneens onderhoudt het contacten met uitgeweken Oekraïners, Russen en Belarussen, zoals ICOMOS Belarus en de Missie bij de EU van de regering van Democratisch Belarus in ballingschap (Belarus United Transitional Cabinet). Vanuit het museum werden en worden acties voor Oekraïne gesteun, zoals SUCHO (Saving Ukrainian Cultural Heritage Online, 2022). Het thema erfgoed, vrede en toerisme staat centraal in onze samenwerking met de Fondazione Romualdo del Bianco in Florence (2025).
Tevens is onze directeur actief in het ICOMOS ISC on Aerospace Heritage (o.a. ‘moon heritage’ en in verband met de observer status bij UNOOSA, nadat wij ons eerder ingezet hadden voor behoud en internationale wetenschappelijk toegankelijkheid van datasystemen van door satellieten gegenereerde gegevens) en heeft hij al enige jaren als ‘observer’ namens ICOMOS opgetreden bij de zittingen van CDCPP van de Raad van Europa.
Op het terrein van gendergelijkwaardigheid en vrouwengeschiedenis werkt het museum samen met erfgoedgemeenschappen en organisaties die voortbouwen op de erfenis van de tweede feministische golf en specifiek initiatieven rond Dolle Mina. Ook onderhoudt het museum internationale contacten via netwerken zoals de International Association of Women’s Museums en ICOMOS Gender Equality & Heritage (onderdeel ICOMOS SDGWG).
Ter zake het thema klimaatverandering dragen wij bij aan ICOMOS Climate Action Working Group, en Heritage Adapts / Climate Change Heritage Network (CHN). Wij werken nauw samen met de Werkgroep Water & Erfgoed van ICOMOS Nederland en stonden mede aan de wieg van de ICOMOS ISC Water Heritage. Naast deelname aan internationale conferenties op dit terrein, organiseren wij ook op Huize Kolthoorn een brainstormsessies met landelijke organisaties op het terrein van water en erfgoed en daarnaast voor het algemene publiek in samenwerking met de bekenstichting en IVN Epe-Heerde rondleidingen, waarbij de beken en het klimaat centraal staan.
Muziek en fortepiano
Op het terrein van de collectie historische klavierinstrumenten en de daarmee verbonden activiteiten werkt Museum Geelvinck samen met een breed netwerk van culturele instellingen en vakopleidingen. Voorbeelden zijn het Conservatorium van Amsterdam, ArtEZ en de vakopleiding pianotechniek HMC Amsterdam, EPTA en muziekdocenten als Richard Egarr en Marcel Baudet. Daarnaast onderhoudt het relaties met instellingen zoals het Concertgebouw Amsterdam, de afdeling muziek en muziekinstrumenten van het Rijksmuseum en diverse muziekinstrumentenmusea in binnen- en buitenland, variërend van Museum Speelklok (Utrecht), het Orgelmuseum in Harderwijk en het Muziekinstrumentenmuseum Vosbergen in Eelde tot musea in België, Duitsland, Zwitserland, Frankrijk, Italië, Oostenrijk, Polen, Letland, Rusland, Belarus, Finland, Denemarken, Zweden, het Verenigd Koninkrijk, Japan, de Verenigde Staten, Burkina Faso en Brazilië. En daarnaast ook met instellingen als het Orgelpark en het Muziekinstrumentenfonds.
Al in de zomers van 1997 en 1998 werden in de tuin van het Geelvinck Hinlopen Huis fusionconcerten georganiseerd onder leiding van de hoogleraar internationaal recht (Columbia University) en jazzimprovisator Kellis E. Parker. Ons museum is sedert 2004 opnieuw actief in het organiseren van concertuitvoeringen, waarvan de belangrijkste is de serie ‘Geelvinck Salon’. Na het vertrek uit het Geelvinck Hinlopen Huis eind 2025, werd deze wekelijkse serie eerst voortgezet in het Huis met de Hoofden en toen dat in verbouwing ging in Museum Cromhouthuizen (in samenwerking met het Amsterdam Museum). Toen het Amsterdam Museum zijn vestiging in Museum Cromhouthuizen niet voortzette, vond de Geelvinck Salon vanaf najaar 2018 voortgang in de Kerkzaal van het Luther Museum in ‘De Wittenberg’. Vanwege te toegenomen druk van exposities in dat museum werd in najaar 2024 het pianorecital-concept ‘Muziek terwijl u kijkt’ ontwikkeld (dat gebaseerd was op onze ervaring met het succesvolle concept voor de high tea-pianorecitals in het Waldorf Astoria Hotel). Desondanks besloot het Luther Museum voor een andere opzet en zijn wij sinds begin 2026 op zoek naar een nieuwe podiumlocatie in Amsterdam (tijdelijk is ons museum ondergebracht in het Pianola Museum).
In najaar 2020 vonden tijdens de Corona-periode de eerste concerten plaats in het Grote Atelier op Huize Kolthoorn en sindsdien vindt er een bescheiden aantal Geelvinck Salon concerten plaats. Vanaf zomer 2023 vinden er jaarlijks eveneens Geelvinck Tuinconcerten plaats in de tuin van Huize Kolthoorn, waarvan inmiddels een tweetal in samenwerking met jonge strijkensembles van Le Dimore del Quartetto (Desguin Kartet, 2023, en Belinfante Quartet, 2024). Regelmatig worden op de historische piano’s, die geplaatst zijn op Huize Kolthoorn, opnames gemaakt voor CDs, onder meer door Lucie de Saint Vincent (vrouwelijke componisten), door Stile Galante (Luigi Marchesi Project, 2021), Belinfante Quartet (Parallel 40, 2023) en door Richard Egarr en Alexandra Nepomnyashchaya (Duo Pleyel, Beethoven-cyclus).
Naast in het museum zelf, organiseert Museum Geelvinck ook op diverse andere locaties concerten op in bruikleen geplaatste fortepiano’s. In totaliteit (2025) heeft Museum Geelvinck meer dan 1.200 concertuitvoeringen georganiseerd (in sommige jaren meer dan 130 per jaar); in dit aantal zijn niet meegerekend de uitvoeringen in het Waldorf Astoria Hotel Amsterdam, waar wij ruim zeven jaar lang wekelijks drie of meer high tea-pianorecitals materialiseerden. Naast historisch geïnformeerde uitvoeringen op fortepiano, programmeerden wij een breed repertoire van oude muziek tot en met begin 20e-eeuwse klassieke composities, interdisciplinaire en culturele fushion uitvoeringen. Hiermee hebben wij een uitgebreid netwerk van musici en ensembles opgebouwd, landelijk en internationaal, alsook met onder meer Armeense, Georgische en zelfs Koreaanse traditionele muziek, naast muziek van de Surinaamse, Antilliaanse en Iraanse gemeenschappen in Nederland.
Vanaf 2010 organiseerden wij de eerste wandelconcerten met drie grachtenhuismusea (toen nog een nieuw concept). In 2012 vormden wij een samenwerking met de drie ensembles oude muziek BRISK, Camerata Trajectina en Musica Amphion en organiseerden we met hen de vier jaarlijkse edities ‘Geelvinck Wandelconcert langs de Gracht’. In 2014 rolden we het concept uit naar Haarlem (samenwerking met het Frans Hals Museum) en in 2015 eveneens een in Zutphen (dat werd onze introductie voor het latere Geelvinck Muziek Museum Zutphen). In 2016 hebben wij het concept ‘The Spirit of Place’ ontwikkeld. Volgende editie vonden plaats in het Joodse Kwartier in Amsterdam, Gouda, Zutphen, Amersfoort, Leeuwarden, toen Culturele Hoofdstad van Europa (2018) en Elburg (2019).
In 2011 ging het Geelvinck Festival van start met een eerste editie onder de naam ‘Amsterdam Virtuosi’. Onderdeel van dit festival was al het eerste jaarlijkse Geelvinck Square Piano Concours onder leiding van Marcel Baudet. Vanaf de derde editie in 2013 vond het Geelvinck Fortepiano Festival plaats onder de bezielende leiding van dr. Michael Tsalka. Vanaf deze editie was er een cross-over tussen historische en eigentijdse muziek: een internationale oproep en uitvoering van nieuwe composities voor historische tafel- en fortepiano’s, hetgeen revolutionair was binnen de wereld van de historische geïnformeerde muziekinterpretatie. Bovendien bracht Tsalka in het concept ‘crossroads’, waarbij multiculturele verbindingen worden gelegd door combinaties van fortepiano met traditionele niet-Westerse instrumenten, zoals de Japanse koto, alsook met oude muziek en muziekinstrumenten van (ver) vóór de fortepiano. Het festival werd daarmee een ontmoetingsplek voor wereldmuziek. Dit werd in volgende edities uitgebreid naar een vorm van een 19e-eeuwse ‘salon’ met interdisciplinaire ontmoetingen: combinaties met ‘spoken word’ (literatuur) en poëzie uit verleden en heden. Dit steeds met de historische fortepiano als centraal thema. De spil van het festival werd steeds gevormd door een internationaal wetenschappelijk symposium rond de fortepiano, waarbij musici, musicologen, conservatoren, restauratoren, instrumentbouwers en particuliere verzamelaars vanuit de hele wereld samenkwamen. Bij de 35 tot 45 concertuitvoeringen per festival werd een accent gelegd op vergeten of minder bekende componisten uit de late barok en vroege romantiek en vooral ook vrouwelijke componisten; muziek die tot zijn recht komt op de subtiele dynamiek van de vroege tafelpiano. Naast het concours en het symposium, vormde drie dagen masterclasses eveneens een vast onderdeel van elk festival. Musici vanuit de hele wereld werden voor het festival naar Nederland gehaald (meestal was bijna 90% van de musici speciaal voor het festival naar Nederland gekomen) en tevens werd aandacht besteed aan aanstormend talent (‘fringe ontbijtconcerten’). Vanaf de vierde editie, was het festival uitgegroeid tot toonaangevend en tevens het omvangrijkste op het terrein van de fortepiano wereldwijd. In 2015 vond de jubileumeditie plaats, o.a. met een driedaags symposium, een concours met fortepiano en tafelpiano (o.a. de Stanley Hoogland Award voor tafelpiano) en meer dan 45 concertuitvoeringen; dit was tevens het laatste in het Geelvinck Hinlopen Huis. Vanaf 2016 vindt het Geelvinck Fortepiano Festival op diverse locaties in zowel Zutphen als Amsterdam plaats. In 2016 ligt het zwaartepunt van het festival in Amsterdam in de Concertzaal van Felix Meritis en in 2017 in het Cromhouthuis. Vanaf 2016 verplaatst het festival zich gefaseerd van Amsterdam naar Zutphen, hoewel tot en met de laatste editie een deel van de concerten op verschillende locaties in Amsterdam plaatsvinden. Daarnaast vinden er ook concerten op satellietlocaties in kastelen en buitenplaatsen door het hele land plaats, plekken waar deze historische instrumenten het best tot hun recht komen. Naast regulier concertuitvoeringen ontwikkelden zich in de latere edities meer manifestaties (deels op basis van de ervaring met wandelconcerten), zoals in de editie 2019 de klassieke Schubertiade (gekostumeerd) en als tegenhanger daarvan de Muzieksalon ‘Omar Khayyám’: experimentele salon met poëzie van deze Perzische dichter naast een recent voltooide cyclus van de Grieks-Nederlandse composiniste Aspasia Nasopoulou; beide manifestaties waren middag-vullend en werden uitgevoerd op Kasteel Hackfort in samenwerking met Natuurmonumenten (met in de lange pauze rondleidingen door de parktuin). Het gedwongen vertrek uit Zutphen en de Corona-periode vormde een abrupt einde van het festival, zij het dat in najaar 2020 alsnog (veelal zonder publiek) een onlineversie werd uitgevoerd met concerten op historische fortepiano’s in Huize Kolthoorn, Luther Museum en Oud Amelisweerd. Het Geelvinck Fortepiano Festival ontving driemaal het prestigieuze Europese kwaliteitslabel EFFE (Europe for Festivals – Festivals for Europe) van de European Festival Association op grond van haar pioniersrol, haar grensverleggende artistieke visie, haar Europese en internationale dimensie en haar rol als actieve netwerkkatalysator binnen de Europese muziekwereld. En tevens na vertrek uit het Geelvinck Hinlopen Huis, haar transformatie in een gedecentraliseerde netwerkopzet en haar maatschappelijke betrokkenheid. De EFFE-jury roemde het festival als uniek internationaal fortepianoplatform. In de loop der jaren is het festival ondergebracht in een separate stichting, die lid is van onder meer het Amsterdams Festival Overleg, de Verenigde Podiumkunstenfestivals en REMA-European Early Music Netwerk.
Ons museum stond aan de wieg van het Nederlandse Chopin Festival (Chopin Stichting Nederland) en ontwikkelde voor het Geelvinck Fortepiano Festival de Chopin Award voor Fortepiano (uitgereikt door de Ambassade van Polen). Deze dient als springplank voor de International Chopin Competition on Period Instruments van het Fryderyk Chopin Institute in Warschau, waarmee wij een warme band onderhouden; voor de laureaten hebben wij diverse concerttours door Nederland georganiseerd. Ook zijn wij actief geweest in de International Federation of Chopin Societies (IFCS). Daarnaast had ons museum vele jaren een MoU met het Scriabin Memorial Museum in Moskou ten behoeve van Stichting Europees Skrjabin Genootschap, dat wij tot 2016 onderdak boden in het Geelvinck Hinlopen Huis.
Het Geelvinck Fortepiano Festival heeft voor ons museum de basis gelegd voor de projecten ‘Beethoven is Black’ (2021), Tune-In (2025) en het European Keyboard Heritage Network (2026). Wij hebben sinds 2025 een MoU met International Music Council (UNESCO) en werken actief samen met Centre Européen de Musique, REMA-European Early Music Network, ICOM Music (in 2023 waren wij samen met het Rijksmuseum en Museum speelklok co-host van de jaarconferentie in Nederland) en ICOM-ICLCM (lid van de Board sinds 2026). Via projecten zoals ‘Tune-In.eu’ en ‘Europa – zit er (nog) klaviermuziek in erfgoed?’ werkt het museum aan kennisuitwisseling, publieksontwikkeling en behoud van levend muzikaal erfgoed. Ons meest recente initiatief is de opzet van het European Keyboard Heritage Network.
In diverse buitenplaatsen, kastelen, kerken en musea heeft ons museum historische piano’s in bruikleen geplaatst, zoals Kasteel Loenersloot, Kasteel Strijthagen (Zuid-Limburg), Hof Meermansburg (Leiden), Huis Schouwenburg (bij ’t Harde), Museum Elburg, Dorpskerk Huizum (bij Leeuwarden), Julianakerk (Heerde) en Huis Midwoud. Niet alleen het Conservatorium van Amsterdam maakt gebruik van instrumenten in bruikleen van het museum, maar ook muziekscholen, professionele musici en aanstormend talent. Ook voor concerten, festivals en CD-opnames worden historische klavierinstrumenten in bruikleen verstrekt ten behoeve van uitvoeringen door bekende fortepianisten, zoals Richard Egarr, Olga Pashchenko, Naruhiko Kawaguchi en Artem Belugorov. Dit zijn festivals zoals Festival Oude Muziek Utrecht, AMUZ (Antwerpen), Musica Antiqua Nova (Groningen) en Dudok Muziekdagen Kampen, alsook het Concertgebouw Amsterdam.
Op het gebied van muziekwetenschap, etnomusicologie en historisch geïnformeerde uitvoeringspraktijk werkt Museum Geelvinck samen met de Arnold Bake Society (vereniging voor etnomusicologie, UvA). Wij zijn onder meer lid/donateur van EPTA Nederland, de Liszt Kring, het Nederlandse Clavichord Genootschap, de Nederlandse Pianola Vereniging, de Harmonium Vereniging Nederland en de Koninklijke Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis. Daarnaast zijn wij lid van onder meer The Galpin Society, Friends of the Square Piano, The International Reed Organ Society, The Pianola Institute, Nederlandse Vereniging van Muziek Bibliotheken NVMB/IAML, International Council for Traditional Music and Dance en de International Alliance for Women in Music; dit met als doel kennisuitwisseling.